Subsidie voor de Bühne?

Subsidie voor de bühne?
[over de subsidie voor onderwijs aan hoogbegaafden]

In haar artikel op Wetenschap.nu weet Willy de Heer het zeker. De subsidie van 15 miljoen die de komende 4 jaar beschikbaar is voor de samenwerkingsverbanden is weggegooid geld. Ze constateert een zestal addertjes onder het gras om aan te tonen dat ze gelijk heeft. En uiteindelijk komt haar eigen addertje onder het gras vandaan. Het geld had beter aan de wetenschap kunnen worden besteed: een wetenschappelijk kenniscentrum had de minister moeten oprichten.
Er is door de dienaren van de minister goed geluisterd naar de mensen die dagelijks met onderwijs aan en zorg voor hoogbegaafde leerlingen bezig zijn. Mensen die zich voortdurend op de hoogte stellen van de laatste wetenschappelijke ontwikkelingen wereldwijd en die het tijd vonden dat er meer kennis en vaardigheid rond dit onderwerp op de werkvloer terecht zou komen. Dat leraren voor de klas ondersteund worden bij het oplossen van problemen die deze leerlingen ervaren binnen het onderwijs.

Willy de Heer is gepromoveerd op een onderwerp over ‘zeer gemakkelijk lerende kinderen’. Dat de focus bij samenwerkingsverbanden sterk gericht is op problematiek van probleemleerlingen klopt in grote lijnen wel, denk ik. Maar dan wordt het toch tijd om daar het gesprek over aan te gaan? In haar proefschrift heeft ze aandacht voor dit onderwerp gevraagd. De vraag is wel in hoeverre een ‘zeer makkelijk lerend kind’ op vmbo-niveau geduid moet worden als de doelgroep uitdrukkelijk het (hoog-)begaafde kind bedoeld wordt.
Ook in de scholen is oog voor het feit dat leerlingen wie het curriculum weinig uitdaging biedt, tekort wordt gedaan. Ook voor deze leerlingen liggen oplossingen in het verschiet als er gelegenheid is om te experimenteren en om de aanwezige kennis te vergroten. Die kennis halen deze docenten bij de wetenschappers die al decennialang op zoek zijn naar oplossingen en die - zo wijst de praktijk uit - voor steeds meer hoogbegaafde leerlingen een zinvolle schoolloopbaan opleveren. Er is zeker nog veel werk te verrichten, maar de expertise op de werkvloer neemt toe en zal met deze subsidie verder toe kunnen nemen. Daarom wordt ook de eis gesteld dat aan kennisdeling wordt gedaan en dat de verkregen kennis geborgd wordt binnen schooloverstijgende gremia, maar vooral binnen schoolteams.

“De verwachtingen dat de subsidieregeling voor hoogbegaafden daadwerkelijk wat oplevert, zijn al met al niet hoog gespannen.”, schrijft De Heer. De vraag is namens wie ze spreekt. Daarom is een uitnodiging tot het bijwonen van een inspiratiebijeenkomst aan haar adres bij dezen geschreven. Dat geldt overigens voor ieder die zich betrokken voelt bij de ontwikkelingen op dit gebied. De inspiratiebijeenkomsten in de maanden februari en maart worden door het gehele land gehouden. Men vindt meer informatie op https://talentstimuleren.nl/nieuws/1710-inspiratiebijeenkomsten-subsidieregeling-begaafde-leerlingen-in-het-po-en-vo. De regeling zelf vindt men hier https://www.dus-i.nl/subsidies/begaafde-leerlingen-primair--en-voortgezet-onderwijs.